DE BESTE KNOOP AAN OOG (wartel, haak,ring)

Deel 1: zware lijn

VOORWOORD

Het winterseizoen staat weer voor de deur, en we hopen dan mooie gul te vangen vanop het strand of op de boot. Vandaar dat ik hier een overzicht geef van knooptesten met zware lijn. Omdat sommige knopen veel beter scoren met dunne lijn dan met dikke lijn (of omgekeerd) volgen later nog testen met dunne en medium lijn.  De gebruikte lijn is de Trilene Big Game 38/100ste (opgegeven sterkte 10kg, reëel 9kg). Ik gebruik deze Trilene Big Game nylon  al jaren in verschillende sterkten omdat ze degelijk is, niet duur (9,90 euro voor 600 m 38/100ste), en constant van kwaliteit.

Voor de testen gebruik ik een draaibank en een electronische weegschaal. Met de draaibank kan je de spanning mooi gelijk opvoeren tot de lijn knapt.

Het lijkt vreemd, maar knopen die op dezelfde manier gelegd worden  in eindjes lijn van dezelfde rol nylon geven toch verschillende resultaten. Heeft te maken met onregelmatigheden in de dikte van de lijn, en met het feit dat een knoop zich nooit exact op dezelfde wijze 'zet'. Als we knopen testen moeten we daarom een type knoop meerdere keren  testen om uiteindelijk een gemiddelde te bekomen.

Mijn werkwijze voor deze test:

– Een knoop waarbij ik gevoel had dat hij niet goed zat werd kapotgeknipt en opnieuw gelegd.

– Elk type knoop werd 7 keer gelegd. Het slechtste resultaat werd geschrapt, en van de 6 overblijvende resultaten werd het gemiddelde berekend. Dat is het gemiddelde met deze lijn (trekkracht  ongeveer 9 kg). Uiteindelijk geeft het laatste cijfer dit gemiddelde verrekend in procent. 

– De knoop werd 'nat' (speeksel) aangetrokken, zoals meestal wordt voorgeschreven. Heb enkele knopen ook 'droog' getest ter vergelijking, met een verrassend reslutaat.

– Bij knopen waarbij in de lijn een aantal ‘slagen’ (wikkelingen) wordt gelegd, is het aantal slagen niet zonder belang. Ben al jaren knopen aan het testen en weet dat enkele slagen meer een wezenlijk verschil kan geven in breeksterkte.  Weinig slagen  verzwakt de knoop; meer slagen maakt de knoop sterker maar bij dikke lijnen laat de knoop  zich dan niet of slecht aantrekken wat ook nefast is. Het is een Catch 22 situatie: minder slagen = trekt mooi aan maar minder sterk; meer slagen = in principe sterker maar slecht aantrekbaar en daardoor vaak slechte resultaten.  .

DE TEST

1. DE BLOEDKNOOP

Alom gebruikte variant van de bloedknoop.Zoals bij vele vissersknopen wordt ook hier beknijping van de lijn tegengewerkt door het vele malen winden van de lijn om zichzelf. Vaak slecht genoemd wegens doorslippen van de knoop, wat inderdaad een risico is indien te weinig slagen gelegd worden. Anti-sliptruukjes zoals het leggen van een stopknoopje of het branden van een stopbolletje  in het losse eind zijn in mijn opinie waardeloos.
Ook bekend als kunstaasknoop, lepelknoop,halve bloedknoop enz.

Instructies : Haal de lijn door het oog en plooi het losse eind naast het vaste eind. Wikkel het losse eind 6 maal om het vaste eind en dan terug in het lusje dat hierdoor ontstaan is.Aantrekken.

RESULTATEN

BLOEDKNOOP, 6 slagen, nat

5,95 6,06 5,76 7,04 5,96 6,68 =37,45 =6,24   =69,3%

Deze resultaten zijn niet geweldig: onregelmatig en uiteindelijk maar 69% breeksterkte. Heeft alles te maken met slechte aantrekbaarheid. Heb vaak moeten herleggen maar zelfs als ze er goed uitzien presteren bloedknopen in dikke lijn ondermaats.  In dunne lijnen kan je de bloedknoop wel mooi aantrekken en geeft hij  (met 7 slagen) zeer goede resultaten.

BLOEDKNOOP, 6 slagen, droog

8,30 6,24 8,70 7,36 6,94 7,98 =45,52 =7,58  =84,2%

Leerde jaren geleden de 'droog is beter' theorie kennen via de Nieuwzeelandse visser Sam Mossman, maar heb altijd gedacht dat 'nat' beter is. Dit resultaat is voor mij dus een verrassing. Met deze nieuwe nylon althans zet de bloedknoop zich beduidend beter als we droog werken, zonder speeksel. En dat zien we meteen aan de resultaten:  weliswaar nog steeds onregelmatig maar het gemiddelde stijgt spectaculair naar 84%!

2. VERBETERDE BLOEDKNOOP

Deze verbetering bestaat in het terugstoppen van het losse eind, bedoeld om slippen te voorkomen. Dit werkt inderdaad : er is geen slipgevaar meer en de treksterkte is soms hoger dan in de gewone versie. Wereldwijd één van de populairste knopen.

 

RESULTATEN

VERBETERDE BLOEDKNOOP, 6 slagen, nat

7,50 5,80 5,46 5,50 6,22 5,98 =36,46 =6,07  =67,4%

In dikke lijn ongeveer hetzelfde resultaat als bij de gewone bloedknoop. Als we deze knoop gebruiken moeten we toch wel rekenen op een verlies van 30%.

3.BLOEDKNOOP DUBBELE LIJN VERBETERD

Destijds door I. Garay herontdekt en door hem‘superknoop’ gedoopt. Persoonlijk heb ik echter problemen met deze knoop. Alle autoriteiten zeggen dat het een superknoop is, en als je de bindwijze bekijkt (dubbele lijn door oog, dubbele lijn op knoop) kan je haast niet anders dan concluderen dat het een super-knoop moét zijn. En toch… Met drie slagen (zoals traditioneel aanbevolen) slipt de knoop bijna altijd. Met meer slagen verdwijnt het slipgevaar ongeveer, maar wordt het moeilijk de knoop goed aan te trekken wat tot zeer onregelmatige resultaten leidt. Hij is minder makkelijk te binden dan de gewone bloedknoop, en er moeten nogal wat eindjes worden afgeknipt. Ook is het een zeer volumineuze knoop.Bij de verbeterde versie, hier gebruikt, is er geen slipgevaar meer.

Instructies : Neem de lijn dubbel, door oog voeren, los eind driemaal rond vast eind wikkelen. Door lus aan het oog en in verbeterde versie terug door andere lus,  en aantrekken.

RESULTATEN

SUPERKNOOP VERBETERD: 3 slagen, nat

5,96 7,14 7,66 7,52 7,22 6,56 =42,06 =7,01   =77,8%

Niet slecht, maar ook niet echt super.

4. BLOEDKNOOP 2X DOOR OOG

Door de Amerikaanse fabricant Berkley herdoopt tot Trilene-knoop en onder deze naam de laatste jaren terug bekend geworden bij het grote publiek.

Instructies :  De lijn wordt tweemaal door het oog gevoerd. Het losse eind vijfmaal rond het vaste eind wikkelen en dan door de dubbele lus. Knoop aantrekken, waarbij het belangrijk is dat de twee lussen mooi naast elkaar blijven. Dit kan je bereiken door de lussen goed vast te knijpen tussen duim en wijsvinger van je linkerhand.

RESULTATEN

TRILENE KNOOP, 5 slagen, nat

7,42 7,78 8,28 7,67 7,98 7,80 =46,93 =7,82   =86,8%

 

TRILENE KNOOP, 6 slagen, nat

6,82 8,52 7,92 7,38 8,08 7,50 =46,24 =7,70  =85,5%

 

TRILENE KNOOP, 6 slagen, droog

8,60 8,76 8,20 8,24 8,36 8,30 =50,46 =8,41  =93,4%

De Trilene is zonder twijfel één van de allerbeste knopen. In dunne lijnen geeft hij constant tegen de 100% trekkracht, in dikke lijnen hebben we dezelfde problematiek als bij de bloedknoop maar mogen we toch altijd rekenen op een goede 85%. Ook hier zet de Trilene zich  'droog'  beter dan 'nat' en dan stijgt de trekkracht boven de 90%.

 

5. UNI-KNOOP

Zeer oude vissersknoop, vroeger meestal Grinner genaamd. In de jaren 70 door Dupont met veel marketing-geweld opnieuw gelanceerd als Uni-(versele) basisknoop van het uni-systeem. Deze basisknoop kan voor diverse verbindingen gebruikt worden, vandaar de naam. Andere namen zijn Duncan-knoop en Hangman’s Knot. Het grote voordeel van de Uni is dat deze knoop zich altijd goed zet, zelfs met zeer dikke lijn.

Instructies : Voer de lijn door het oog, los eind lang genoeg nemen. Los eind naast vast eind plooien en terug. Zo ontstaat een lus in het losse eind parallel met het vaste eind. Losse eind vijfmaal in deze lus wikkelen. Knoop al wat aantrekken door aan het korte eindje te trekken. Dan knoop doorschuiven tot tegen oog van haak en definitief aantrekken.

 

RESULTATEN

UNI-KNOOP, 5 slagen, nat

6,87 5,38 5,82 4,40 6,56 6,12 =35,15 =5,85  =64,9%

 

UNI-KNOOP, 7 slagen, nat

8,30 8,20 8,48 8,64 7,64 8,30 =49,56 =8,26  =91,7%

Hier zien we heel duidelijk dat extra slagen de knoop sterker maakt. Bij de Uni gaat dit niet ten koste van de aantrekbaarheid, en een Uni met 7 slagen geeft zeer regelmatige en goede resultaten.

6. PALOMAR -KNOOP

Last but not least: de palomar. Deze knoop kwam in de jaren 70 in het voetlicht te staan als dé sterkste visknoop. In onze kontreien nooit echt doorgebroken maar in de USA zowat de meest gebruikte knoop.

 

Instructies : Lijn dubbel nemen en door oog voeren. Met los eind rond vast eind zodat een overhandse knoop ontstaat. Lus in losse eind over de haak, wartel… heenslaan en terug. Aantrekken door aan dubbele lijn te trekken zodat het lusje over het oog heen glijdt en tegen het oog vastknijpt.

RESULTATEN

PALOMAR-KNOOP, nat

8,56 8,76 8,54 8,00 8,22 8,48 =50,56 =8,42  =93,5%

De Palomar geeft constant zeer goede resultaten, enkel in zeer dunnne en zeer dikke lijnen laat hij het wat afweten.

Ik verkies zelf de Trilene-knoop, maar de Palomar is een goed alternatief.

SAMENVATTING RESULTATEN

PALOMAR,nat 93,5%
TRILENE,6 slagen, droog 93,4%
UNI, 7 slagen, nat 91,7%
TRILENE, 5 slagen, nat 86,8%
TRILENE, 6 slagen, nat 85,5%
BLOEDKNOOP, 6 slagen, droog 84,2%
SUPERKNOOP, 3 slagen, nat 77,8%
BLOEDKNOOP, 6 slagen, nat 69,3%
BLOEDKNOOP VERBETERD, 6 slagen, nat 67,43%
UNI, 5 slagen, nat 64,9%

Wordt vervolgd!